Dag 6: Cienfuegos - Trinidad

We worden de volgende morgen gewekt door een vriendelijke zonnetje.

We hebben een mooi uitzicht over de baai van Cienfuegos.

Voordat we naar Trinidad vertrekken gaan we eerst de binnenstad van Cienfuegos bezoeken.
Langs de kust staan vele villa's en clubs, en er is een brede boulevard langs het water aangelegd.

Cienfuegos is de enige stad in Cuba die door de Fransen is gesticht. We mogen het oude theater van binnen bekijken en krijgen van Mabel uitleg.

Het theater werd in 1886-1889 gebouwd naar aanleiding van het testament van Tomas Terry Adams, die rijk was geworden van de slavenhandel en burgemeester van de stad was geworden.

Het theater ademt de grandeur van weleer uit.

Alles is rijk versiert met details. Het hele theater ziet er geweldig uit.

Er liggen allerlei bouwmatrialen omdat het theater op dit moment gerenoveerd wordt, maar je kan zien dat het een prachtig gebouw is.

Als iedereen het theater bekeken heeft dan gaan we nog gezamelijk een kerk bezoeken.

Mabel verteld over het de geschiedenis en de stichting van de stad. Daarna hebben we twee uur vrij tijd om alles te bekijken.

Eerst maar eens een bakje koffie scoren. Daarna gaan we langs de buitenrand van het plein om alles te bekijken.

Deze taxi ziet er schitterend uit, maar de vraag is hoeveel er nog origineel is.
Het onderstel ziet er in ieder geval relatief modern uit, en onder de motorkap klinkt het inmiddels vertrouwde geluid van een Russische dieselmotor.

Langs het plein zie je gebouwen met veel mooie details.

Soms wat minder mooie details ....


Maar over het algemeen ziet het er allemaal goed uit.

Aangezien we nog tijd genoeg over hebben gaan we eens een kijkje nemen in de winkelstraat die aan het plein ligt.
Er klinkt vrolijke muziek, dus voetjes van de vloer!

In de winkelstraat is het een gezellige drukte. We lopen tot het eind van het voetgangersgebied en wandelen dan weer rustig terug naar het plein

 

Terug op het plein zoeken we een lekker plaatsje in de schaduw om te wachten op de rest van de groep.
Al na een kwartiertje wachten op het plein en dan is het tijd om naar de bus te gaan en dan op weg naar Trinidad.

We rijden door het Cubaanse landschap, wat eigenlijk niet veel anders is dan elk ander topisch landschap. We raken ernstig verwend in de loop van de jaren. Wat wel opvalt zijn de kilometers en kilometers velden met suikerriet.

In Trinidad worden we ondergebracht in een Casa Particular, wat betekend dat we bij een gezin logeren die een van hun kamers verhuurt aan gasten. Mabel schrijft de namen van de Casa Particulars op een aantal briefjes, en ieder stel trekt aldus een lootje om te weten waar ze de nachten in Trinidad gaan doorbrengen. Wij trekken het lootje met de naam ‘Isabel’.

We rijden Trinidad in. Het is een understatement om te zeggen dat deze stad schilderachtig is. Je begrijpt meteen dat de foto’s in de reisgidsen voor Cuba vrijwel allemaal in Trinidad zijn gemaakt.

Voordat we aan de stadswandeling gaan beginnen gaan we eerst lunchen bij het restaurant 'San Jose'. Dat blijkt een uitstekende keus want het eten smaakt hier voortreffelijk!
We nemen allebei een ‘Hamburguesa traditional’. Allemachtig wat een hap was dat zeg! Daar kunnen ze in Nederland wat van leren!

Na de lunch gaan we de prachtige straatjes van het oude centrum van Trinidad verkennen.

De stadswandeling door Trinidad is werkelijk geweldig. Je weet gewoon niet waar je moet kijken, en elke paar stappen heb je wel weer een foto-momentje.
Als je de foto's nu terugkijkt blijkt maar eens weer hoe moeilijk het is om op een plaatje de sfeer weer te geven
.

Het is in het oude centrum van de stad wel uitkijken waar je loopt, want veel straten daar zijn nog van kinderkopjes.

We bezoeken het Musee Municipal de Trinidad, waar we veel mooie dingen zien.

We mogen via de bovenverdieping naar de uitkijktoren klimmen.


Letterlijk klimmen, want het bovenste gedeelte is een krappe wenteltrap en iets wat op een vlizotrap lijkt.

Maar het is de moeite waard: Het uitzicht is in één woord gewéldig.

Na al dat moois maar weer naar beneden. Héél voorzichtig voetje voor voetje de trap af.

Vanaf het museum lopen we naar het grote plein van Trinidad, waar twee magere hondjes de wacht houden.

Rondom het plein is weer volop te zien en te fotograferen.

 

Op de trappen naast de kerk worden zeer regelmatig muziekvoorstellingen gehouden. Ook vanavond, tijd voor een feestje dus.

We wandelen via de schilderachtige straatjes terug naar de plaats waar de bus staat.

Die brengt ons naar ons verzamelpunt in naar de straat 'Frank Pais', die in de volksmond 'Carmen' wordt genoemd. Daar wachten onze gastheren en -dames op ons.
Als je je koffers hebt dan roep je de naam van het huis, en dan stelt de gastheer of gastvrouw zich aan je voor.

We maken kennis met Isabel, onze gastvrouw in Trinidad. We volgen haar naar hun huis c.q. pension.

Daar maken we ook kennis met Isabel's man Roberto. Isabel en Roberto zijn allebei super-aardige mensen.
Ze vragen regelamtig of alles ons naar de zin is en of ze nog iets voor ons kunnen doen.

Even de administratie in orde maken ...
Het hele huis is vrij langgerekt en heeft vele open ruimtes, bijvoorbeeld de keuken en de huiskamer. Helemaal achterin is een achter-het-huisje waar de waslijnen hangen en een bananenboom staat. De begane grond is voor de gasten, Roberto en Isabella leven met hun gezin boven.

We krijgen van Isabella een kaart van Trinidad.
De straatnamen tussen haakjes zijn zoals ze in de volksmond heten. Frank Pais is dus Carmen, Piro Guinart is boca (de mond) etcetera etcetera.

De kamer is eenvoudig maar netjes en schoon.

Achter het raam is ... een houten poort??? Nee hoor. Met cement en verf zeer kunstig een poort geboetseerd op de kale muur in het héél erg smalle steegje tussen de huizen.

Nadat we gedouched hebben gaan we nog even lezen en het reisverslag bijwerken totdat het tijd is voor het avondeten.

Het diner is vanavond included, dus we hebben met de hele groep afgesproken om naar het restaurant ‘Trinidad Colonial’ te lopen.
Het restaurant: Mooi. Het personeel: Ongeinteresseerd. Het eten: Bagger. We hebben nog nooit zo’n slechte maaltijd gegeten. De vis die we besteld hadden droop van de olie en er zat lak noch smak aan. Bah! Mabel zat aan het tafeltje naast ons en we vroegen haar hoe zij haar eten vond. Niet lekker zei ze. Ze wist het van tevoren, maar ja …. het restaurant was aangewezen door de organisatie.
Voor het avondeten van morgen (ook included) raadde ze aan om ook bij de lunch goed te eten want dat restaurant is ongeveer gelijkwaardig aan dit. Dat beloofd wat, maar we zijn nu gewaarschuwd.

Na dit feestelijke diner gaan we naar het Plaza Major want daar is muziek. De straten zijn vol met mensen en er hangt een vrolijke en ontspannen sfeer.

Als je zo ‘s avonds door de straten loopt kan je zo hier en daar de huizen in gluren en dan zie je goed hoe de meesten zijn opgebouwd: Vooraan een kamer met de mooie meubels, maar achterin het huis en buiten leeft men echt. Alleen ‘s middags en ‘s avonds als de temperatuur naar beneden gaat dan is men of op straat te vinden of in de voorkamer.

Van alle kanten komen mensen de Plaza Major op lopen om te dansen en van de muziek te genieten.

De band was van het type ‘Het hoeft niet mooi te zijn, als het maar hard is’. Lang leve de oordoppen!
De muziek swingt wel de pan uit dus niemand kon stil blijven zitten en diverse stellen kwamen de dansvloer op om de Salsa te dansen.
Er was op een geven moment een Aziatisch stelletje die eigenlijk een beetje schuchter de dansvloer op gingen. Ze bakten er niets van maar genoten desondanks met volle teugen. Helemaal goed!

 

We hebben een leuke avond gehad, maar op een gegeven moment zijn we toch weer terug naar ons pension gegaan. Daar was alles al in diepe rust dus op de tenen naar onze kamer. Lekker slapen en morgen gezond weer op!